| Lezing op dinsdag 17-01-2012 |
| woensdag 04 januari 2012 | |
|
Lezing door Peter Trommar Op 1 januari 1920 gaan de gemeenten Eindhoven, Gestel en Blaarthem, Stratum, Strijp, Tongelre en Woensel samen verder als één gemeente Eindhoven. Eindhoven, nog geen 80 ha groot, is reeds vanaf de vroege middeleeuwen het handelscentrum voor de regio. Hier kruist de route van Antwerpen naar Venlo en Keulen die van Den Bosch naar Luik en Maastricht. Voor haar ontwikkeling kan Eindhoven niet zonder de ruimte van de aangrenzende gemeenten. Zo zijn de spoorlijnen naar Venlo en Hasselt en het Eindhovens Kanaal geheel aangelegd op grondgebied van Strijp, Woensel, Gestel en Stratum. Het ligt als een spin in het web van de wegen die vanuit de randgemeenten convergeren in Eindhoven. Zij vormen de nog steeds bestaande radialen die de hoofdverbindingen vormen tussen de vroegere gemeentes en 'de stad'. Nog steeds gaan de bewoners van Tongelre, Woensel, Gestel Stratum of Strijp naar 'de stad'. De groei van de zes gemeenten is spectaculair. Van 20.000 inwoners in 1900 naar 110.000 in 1939. Het groeimodel wat in alle uitbreidingsplannen voorkomt is dat van 'la ville en grappe'; de trossenstad. Langs de radialen worden vanaf de 20er jaren op zekere afstand van het centrum woonwijken ontwikkeld. Ceintuurbanen of rondwegen moeten de wijken samen binden. De spoorlijn die dwars door de gemeente loopt met de Woenselse overweg als bottle neck is echter de grote sta in de weg. Tussen 1929 en 1945, de tijd van de crisis en de tweede wereldoorlog ligt de ontwikkeling niet alleen stil, maar door de bombardementen is het centrum van Eindhoven zwaar gehavend. Het hoog spoor is het bepalend onderdeel van de wederopbouwplannen. Daarnaast moet er een nieuw centrum komen en nieuwe uitgaande wegen naar Valkenswaard en Hasselt, naar de Kempen, naar Tilburg, naar Helmond, naar Nijmegen en naar Weert. Maar voor alles moeten er woningen worden gebouwd. Heel veel woningen. Eindhoven is goed in het maken van plannen, ook in het beginnen van de uitvoering ervan, maar realiseren blijkt vaak een brug te ver. En op die plaatsen waar het fout ging, en die zijn er nog al wat, ziet het er in Eindhoven niet goed uit. Peter Trommar is oud aardrijkskundeleraar met bijzondere belangstelling voor de historische geografie. Hij publiceert regelmatig over onderwerpen die te maken hebben met de ontwikkeling van de stad Eindhoven.
|